Van der Valk: wie kent het niet?
Heerenveen zit al veel te lang vast aan het hotelplan bij de A32. Tien jaar praten, tekenen, vergaderen en weer opnieuw beginnen. En wat ligt er nu? Een leeg stuk grond waar niemand iets aan heeft.
De politiek blijft doen alsof het besluit uit 2019 heilig is. Alsof het geen fout kan zijn. Alsof je niet mag zeggen: dit werkt niet, we moeten iets anders doen. Ondertussen raakt het geduld van bewoners op. Oranjewoud wil het niet, Skoatterwâld wil het niet en in de rest van Friesland wordt inmiddels hoofdschuddend meegekeken.
Het vreemde is: iedereen ziet dat de plek aan de A32 niet klopt. Het past niet bij de wijk, niet bij het landschap en niet bij de verkeersdrukte. Toch blijft de politiek eraan vasthouden, alsof men bang is een ondernemer tegen te spreken. Alsof het belangrijker is een oud besluit te verdedigen dan eindelijk een goed besluit te nemen.
En dat terwijl het betere plan gewoon klaarligt. Aan de A7, net voorbij de afslag naar het industrieterrein, ligt precies de plek waar een hotel wel logisch is. Daar is ruimte. Daar is goede bereikbaarheid. Daar zit al veel bedrijvigheid.
Daar kun je bovendien eindelijk iets doen voor vrachtwagenchauffeurs die nu vaak nergens terecht kunnen. Een veilige plek om te rusten, goede voorzieningen en voldoende parkeerplaatsen. Dat is niet alleen slim, dat is ook gewoon fatsoenlijk. Die mensen houden ons land draaiende.
Maar nee. Heerenveen blijft hangen in gedoe, getreuzel en angst om te bewegen. Zo dreigt de gemeente het symbool te worden van tien jaar praten over een hotel dat nooit gebouwd wordt, terwijl de oplossing gewoon langs de snelweg ligt te wachten.
Misschien moet de gemeenteraad gewoon eens in de auto stappen. Richting de A7. Even kijken waar het hotel wél kan staan. En waar die truckstop kan komen.
Misschien zien ze dan eindelijk wat iedereen al jaren ziet. En valt het kwartje alsnog.

